Gerda na Gerrit

1966: Abeelenstraat 31, Hengelo(O)

1974: Keurslagerij Kwak, Weurden 32, Winterswijk

1976: Hazelderstraat33, Winterswijk

1977: Grotestraat 87, Vierlingsbeek. Anno 2018

Het leven gaat verder.

In de jaren na het overlijden van Gerrit had Gerda het niet gemakkelijk als alleenstaande. Ze voelde zich nog jong genoeg voor een tweede kans en kon daarnaast eigenlijk best wat hulp gebruiken bij de opvoeding. Samen met Toos Harmelink, de vrouw van haar jongste broer Jan Elschot, deed ze één keer een poging om aan een man te komen. Samen bezochten ze een hotellier in Raalte omdat Gerda had gehoord dat die ook alleen was. Al bij binnenkomst was de zoektocht beëindigd. “Dat is echt niks”, aldus Gerda.En daarmee was de kous af waarna de dames rechtsomkeert naar huis vertrokken.

 

1966

In oktober 1966 kocht Gerda aan de Abelenstraat 31 in Hengelo (Overijssel) voor f 35.000,- een vrijstaand huis. Ze koos voor deze stad omdat haar lievelingsbroer Theo daar als onderwijzer aan school stond en deze haar wist te overtuigen van het feit dat in de grote stad de opleidingsmogelijkheden van de kinderen veel beter waren. Gerda verliet Winterswijk zonder moeite. Ze had er, ondanks al die jaren geen binding meer mee. Wellicht heeft ze ook niet goed kunnen verkroppen dat ze niet meer de zakenvrouw was die samen met Gerrit een bloeiend bedrijf leidde. Winterswijkers zijn namelijk niet de gemakkelijkste wanneer het om dit soort zaken gaat. Desondanks was haar maatregel puur economisch gezien verstandig. Met de kinderen werd geen overleg gepleegd, dat was in die jaren niet gebruikelijk, die werden voor een voldongen feit gesteld en het gezin vertrok. 

Dat werd zeker niet door iedereen op prijs gesteld. Maar goed het was niet anders en iederen ging vol goede moed aan de slag op het nieuwe adres.

 

1974: Nog één keer slagerij Kwak

Zo onderhand was iedereen redelijk onder de pannen. De kinderen van Gerda hadden een baan of studeerden. Alleen Karin zat nog op school. Ze ging naar de brugklas van het Twickelcollege. Deze klas volgde ze een half jaar en toen vertrok Gerda in 1974 weer naar Winterswijk.

 

Dat Gerda weer naar Winterswijk trok werd veroorzaakt door het faillissement van huurder Lunenburg in 1973. Deze situatie plaatste haar opnieuw voor vrijwel onoverkomelijke problemen. Haar inkomen stopte en ze moest toch ergens het geld vandaan halen om te kunnen leven. Zonder de huur en alleen van een weduwenpensioentje was dat nauwelijks mogelijk. Omdat Gerhard al had aangegeven dat hij niets voor een eigen bedrijf voelde was Huub de aangewezen persoon. Die was intussen klaar met zijn opleiding en had er veel zin in dus vertrok hij samen met zijn moeder, Fons en Karin terug naar Winterswijk om de voormalige slagerij van zijn vader weer te heropenen. Het huis aan de Abelenstraat werd verkocht voor f 70.000,- Robert studeerde toen al in Nijmegen en was daar ‘doordeweeks’ op kamers. Alleen in de weekeinden reisde hij nog een paar keer per maand naar Hengelo om zijn veldwerk voor de eerste Nederlandse broedvogelatlas af te maken. Daarna verlegde hij zijn werkterrein naar de Achterhoek als lid van de vogelwerkgroep Winterswijk; later vogelwerkgroep Zuidoost-Achterhoek.

 

Fons werd intussen aan het werk gezet om samen met Huub de slagerij en het huis helemaal op te kalefateren en de nodige verbeteringen aan te brengen. Hij ging als onbezoldigd werknemer aan de slag en schilderde en renoveerde samen met Huub de slagerij en de woning. Geld kreeg hij daar niet voor, wel hij had gratis kost en inwoning. Toen de klus geklaard was kreeg hij van Huub een stereoset en was daar best gelukkig mee.

 

Gerda had kort daarvoor via advocaat Wolters een redelijk bedrag van ongeveer f 17.000,- ontvangen als vergoeding voor het niet naleven van het huurcontract doorLunenburg en dat werd in eerste instantie maar als huishoudgeld gebruikt om de eerste tijd te overbruggen. De kinderen deden afstand van de erfrechten, zodat Huub zonder al te hoge kosten van start kon met zijn slagerij. De nieuwe Keurslagerij ging open op 8 mei 1974. Gerhard verzorgde ter gelegenheid van de opening onder andere de inrichting. 

 

Gerda hielp tijdens het bestaan van keurslagerij Kwak nooit mee in de winkel. Ze wilde het wel, maar ze kon het werken in de winkel eigenlijk niet meer aan. Alles was zo anders als bij haar Gerrit. Het was niet meer als vroeger en daar was Gerda heel vaak veel mee bezig. Zij bestierde achter de schermen het huishouden.

Gerda was er heilig van overtuigd dat alles weer net zo zou worden als vroeger. De klanten zouden zich Gerrit Kwak en zijn superieure kwaliteit herinneren en meteen weer terug komen. In eerste instantie gebeurde dat ook, maar de tijden waren veranderd en de vroeger zo befaamde klantenbinding was er niet meer. Toen dan ook de drukte in het dorp door de Duitse koopinvasie steeds meer toenam bleven veel klanten weg omdat het verkeer voortdurend volkomen in de knoop zat vanwege de geparkeerde bussen en auto’s. Daarnaast werden de wegen in Winterswijk verlegd en kwam het Weurden net buiten het centrum te liggen waardoor de klanten nog meer wegbleven.

Uiteindelijk ging het mis met de slagerij. Na een uitgebreid marktonderzoek van de Keurslagersorganisatie bleek dat de hele situatie in het dorp alleen maar zou verslechteren. Op basis van deze situatie werd de stekker er in het najaar van 1977 uit getrokken. De slagerij werd gesloten en verkocht. 

 

Nawoord

Niets is er nu nog over van Slagerij Kwak. Op de plaats van het bedrijf waar vakman Gerrit ten koste van zijn eigen gezondheid een moderne slagerij bouwde en waar in latere jaren Huub nog een tijd de scepter zwaaide is niets meer te zien. In 1990 is alles afgebroken. De slagerij ging uiteindelijk ten onder aan de sterk gewijzigde omstandigheden in Winterswijk. Er staat op die plaats nu een grote supermarkt. Er staat niet eens een foto van onze slagerij in één van de boeken van de Winterswijkse geschiedschrijver Willem Peletier. Daarom de foto’s in dit boek. Er is teveel gebeurd om onze geschiedenis niet te noteren. Wanneer wij er niet meer zijn zullen onze getuigenissen blijvenbestaan.

1976 

Gerda was nog voor het sluiten van de slagerij, vanwege het huwelijk van zoon Huub in 1976 al verhuisd naar de Hazelderstraat 33. Een klein maar gezellig huisje waar ze samen met haar jongste dochter Karin in trok. Lang heeft ze daar niet gewoond. Net voor de sluiting van de slagerij vertrok Gerda naar Vierlingsbeek. Ze ging daar, aan de Grotestraat 87, samenwonen met Toon Verhoeven, de man van een kennisje waar ze vroeger met haar zus Riet en diens echtgenoot Rein Kortooms vaak kwam. Het kennisje Greet had ernstig reuma en kort voor haar overlijden had Gerda haar beloofd altijd een oogje te zullen houden op Toon. 

 

1977

Gerda vatte dat letterlijk op en trok bij hem in. Het moet gezegd worden dat ze ook dacht het gemakkelijker te krijgen en eindelijk van haar geldzorgen verlost zou zijn. Het kan niet ontkend worden dat een zekere status als een auto en een mooi huis eveneens meetelden. Ze bezegelden hun samenzijn in de kerk, want je moest het wel ‘katholiek’ zuiver houden. In deze tijd bezochten Gerda en Toon Verhoeven het jonge gezinnetje van Leo in Bouaké (Ivoorkust). Ze wilden met eigen ogen zien waar het stel werkte en leefde. Ze maakten uitgebreid kennis met de leefomstandigheden waaronder ze daar hethoofdbovenwatermoestenhouden.

Toon was voor de buitenwereld altijd aardig en voorkomend. Het was voor de meeste kinderen van Gerda best leuk om naar Vierlingsbeek op visite te gaan. In de dagelijkse praktijk van Gerda viel hij echter niet mee en ook Karin had het erg moeilijk met haar nieuwe ‘vader’.

Gerda had het bij de Verhoevens in de familie over het algemeen best naar ’t zin. Ze paste goed in de familie. Ze kaartte graag met Toon, zijn zoons en schoonzussen. De kinderen waren gek op haar. Ze liepen geregeld in en uit. De volwassenen voelden echter dat het tussen haar en hun vader niet goed ging. Helaas stonden ze daar machteloos tegenover. De situatie wierp vaak een schaduw over alles heen.

 

Toon zat niet graag thuis en was het liefst de hele dag op pad. Naar van alles en iedereen. Hij was vooral gek op fietsen en dat deed hij dan ook zoveel mogelijk. Gerda niet. Die kon dat lichamelijk niet meer zo best aan en bleef dus het liefst thuis. Maar daar was dan weer het grote huis en de grote tuin waaraan veel werk zat als er geoogst moest worden. Bij Toon aten ze dagenlang dezelfde groente uit de grote tuin achter het huis en wat niet opgegeten kon worden moest ingeweckt worden. Gerda had daar een enorme hekel aan. Ze had het jaren moeten doen en door de grote tuin van Toon werd ze weer aan het werk gezet, terwijl ze eigenlijk had gehoopt rust en bescherming te vinden.

 

Wat Gerda echter het meeste stoorde was de vervelende gewoonte van Toon om zich niet al te veel te storen aan de tijden waarop hij thuis moest zijn om te eten. Hij ging gewoon zijn eigen gang en hield nauwelijks rekening met haar. Wanneer hij om 5 uur had afgesproken dan kwam het regelmatig voor dat hij pas een paar uur later aan kwam waaien. Dit tot grote ergernis van Gerda die dan met het eten was blijven zitten. Toon en Gerda pasten absoluut niet bij elkaar en dat leidde tot heftige botsingen waar iedereen onder leed. 

1998: Waliensestraat 47a.

Bidprentje Gerda Kwak-Elschot

Tekst Gerhard Kwak

1986

Uiteindelijk liep het helemaal verkeerd af en de situatie werd onhoudbaar. De kinderen besloten in 1986 om hun moeder uit Vierlingsbeek weg te halen. In overleg met de kinderen van Toon werd er een dag gepland en Gerda werd verhuisd toen Toon een dag weg was. Ze ging wonen in een klein appartementje dat haar kinderen voor haar hadden ingericht aan de Markthoek aan het begin van de Meddosestraat in Winterswijk. 

 

 

 

 

1986: Markthoek, Meddosestraat, Winterswijk

1987: opnieuw naar het Zuiden

Toon was intussen wel behoorlijk onthand. Hij was zijn steun thuis kwijt en moest alles nu zelf opknappen. Dat leidde ertoe dat hij toch weer contact zocht. Na verloop van tijd wist hij Gerda weer over te halen toch met hem naar het Zuiden te trekken. Hij verkocht zijn hele hebben en houwen in Vierlingsbeek, want Gerda wilde absoluut niet meer in het grote huis wonen en ze vertrokken in 1987 naar de Jeroen Boschstraat in Boxmeer. Gelukkig was dat een kleiner huis met weinig tuin, zo hadden ze beiden minder werk en zou het leven een stuk rustiger zijn. Niets bleek minder waar, want Toon miste al gauw zijn tuin en ging over tot de aanschaf van een stacaravan op een camping in Sint Anthonis om weer te kunnen tuinieren. Voor Gerda betekende het dat ze nu 2 woningen had waar ze voor moest zorgen. En dat werd haar al snel weer veel te veel, zeker omdat Toon in de basis niets was veranderd. Afspraken waren nog steeds moeilijk te maken en ook het fietsen bleef zijn favoriet. De situatie leidde er toe dat het huis en de caravan in Boxmeer werden verlaten en dat Toon in 1989 een kleine semibungalow kocht aan Overambt 16 in Vierlingsbeek. Daar was een klein tuintje bij en dus werd het voor Gerda een stuk makkelijker.

 

De situatie werd er echter niet beter op. Dat lag niet alleen aan Toon. Gerda zelf was door de situatie na het overlijden van Gerrit een nogal vrije vrouw geworden die helemaal haar eigen gang ging en dat botste nogal eens. Uiteindelijk liep het weer helemaal fout en vertrok ze voorgoed naar Winterswijk. De banden met Toon werden totaal verbroken.

1990

Ze betrok een appartementje dat ze huurde van zoon Fons. Het lag aan de Meddosestraat boven de winkel in schildersbenodigdheden die hij daar dreef. Het was een kleine maar gezellige woning. Met Gerda gaat het in eerste instantie heel aardig. Ze komt de toestanden rond Toon te boven. Toen Fons de woning echter voor zijn eigen gezin nodig had verhuisde ze opnieuw.

 

1996

Ze trok in bij Robert en Thilda aan de Vredensestraat 47 . Zij hadden het huis kort voor hun huwelijk gekocht. Het huis aan de Vredensestraat had een grote voorkamer en een klein zijkamertje aan de straatkant en die werden ingericht als haar nieuwe stek. Het was een harde eis van Robert en Thilda dat Gerda zich niet met het huishouden zou bemoeien en alleen haar eigen bedoeninkje zou bestieren. Ook werd meteen afgesproken dat ze, als het niet meer ging, naar woonruimte met ondersteuning zou zoeken wanneer haar gezondheid dat noodzakelijk zou maken

Aanvankelijk verliep het samenwonen prima.  Er ontstonden problemen toen schoondochter Thilda ziek werd: borstkanker. Er werd uiteindelijk een andere woning voor Gerda gezocht. Door de situatie kwam ze mede op doktersadvies in 1998 in aanmerking voor een aanleunwoning bij het zorgcentrum aan de Waliënsestraat47A.

1999: Overlijden van Gerda

Helaas ging het met Gerda steeds slechter. Ze liep slecht en haar gezondheid liet regelmatig te wensen over. Ze was ook niet altijd echt tevreden met wat ze had. Ze had zich haar leven veel beter voorgesteld dan haar uiteindelijk overkwam. Ze kwam vanuit een verzorgde jeugd in eerste instantie terecht bij een man die haar adoreerde, maar die haar veel te snel werd ontnomen. Met hem had ze oud willen worden ondanks de moeilijke werkomstandigheden in een vak waar ze nooit echt veel plezier aan had beleefd. Helaas was het haar niet gegeven. Na het overlijden van haar Gerrit was haar leven een aaneenschakeling van moeilijke perioden. 

 

Femielie


Webmaster Gerhard Kwak


Website van de Achterhoekse & Twentse families Kwak, Elschot, ten Thij en Goossen.


Neem contact op met:

 

Adres: Wielseweg 3-57, 3896 LA Zeewolde

Email: g.kwak@kpnmail.nl

 

© 2018 - 2020 Gerhard Kwak, Zeewolde.  All Rights Reserved